Online Calculator en Rekentools

Erfbelasting



Wat is erfbelasting?

Erfbelasting in Nederland is niets meer of minder dan de belasting die geheven wordt over erfenissen. Voorheen werd deze belasting geregeld middels de zogenoemde Successiewet 1956. Tot en met januari 2010 werd deze belasting dan ook simpelweg successierecht genoemd. Nadat in januari 2010 de nieuwe Successiewet is doorgevoerd is dus ook de naam veranderd. Vanaf dat moment was het nieuwe erfbelasting geboren. In de hiervoor genoemde Successiewet 1956 werd voorheen ook het zogenoemde schenkingsrecht geregeld. Ook deze is in 2010 veranderd en sindsdien praten we over schenkbelasting

Zodra iemand na overlijden van een ander individu vanuit de erfenis eigendommen toegekend krijgt, kan het zijn dat de desbetreffende persoon erfbelasting dient te betalen. De zogenoemde erfbelasting wordt bepaald op basis van de waarde van de eigendommen, gecombineerd met de relatie die desbetreffende persoon heeft met de overledene.

Simpelweg gezegd, zou een dochter die een erfenis ontvangt van haar moeder minder belasting dienen te betalen, dan de nicht die hetzelfde bedrag erft van haar tante.

Via de onderstaande informatie geven wij extra informatie omtrent deze erfbelasting en op welke manier deze vervolgens berekent kan worden. Bovendien worden tevens de vrijstellingen getoond voor het jaar 2016.

Vrijstellingen erfbelasting

Voordat u belasting moet betaling over uw erfenis zijn er een aantal vrijstelling. U betaalt pas erfbelasting als de erfenis hoger is dan de vrijstelling.



Vrijstellingen erfbelasting

Relatie tot de overledene Vrijstelling
Partner (Geregistreerde partner) €636.180,-
Kinderen €20.148
Kleinkinderen €20.148,-
Bepaalde gehandicapte/zieke kinderen €60.439
Ouders €47.715,-
Andere verkrijgers €2.122,-
ANBI's en SBBI's Volledige vrijstelling

Erfbelasting in Nederland

Middels de in Nederland wel bekende eerste en tweede progressie wordt de tariefopbouw bepaald. Binnen de eerste progressie wordt bepaald dat indien de verwantschap met overledene afneemt, het tarief toe neemt – hiervoor uitgelegd middels het voorbeeld omtrent Dochter / Moeder en Nicht / Tante – Binnen deze eerste progressie wordt ook het familiebezit teruggevonden. Het draagkrachtbeginsel is het belangrijkste onderdeel vanuit de tweede progressie. Hiermee doelt men op het verhoogde tarief, naarmate de verkrijging toeneemt. Eigenlijk bestaat er vervolgens ook een derde progressie, waarin gerelateerd wordt naar het inkomen en de vermogenspositie van de ontvanger. Echter is deze niet van toepassing.

De waarde van de heffing wordt bepaald door de waarde van de verkrijging zodra de erflater overlijd. In boek vier van het Nederlands Burgerlijk Wetboek staan tevens een aantal fictiebepalingen waardoor schenkingen en of vererving die juridisch niet als zodanig kunnen worden aangeduid, tóch wettelijk gezien kunnen worden als verkrijging middels een erfenis. De tarieven van het erfrecht zijn hierop dus alsnog van toepassing.

In artikel 32 wordt uitgebreid besproken, welke bedragen vrijgesteld worden van de erfbelasting. Zo zijn partners van de overledenen vrijgesteld voor een bedrag van €633.014,-. Indien er één  of meerdere gehandicapte kinderen zijn, zijn deze vrijgesteld voor een bedrag van €60.138, terwijl overige kinderen en kleinkinderen een vrijstelling hebben voor bedragen tot €20.047.

Indien men een nalatenschap willen achterlaten aan ouders, mogen zij een bedrag van €47.477 ontvangen zonder dat er belasting over betaald hoeft te worden. Voor andere familieleden en verkrijgers is een bedrag van €2.111,- vrijgesteld.

Tarieven van erfbelasting:

De erfbelasting wordt berekend op basis van de relatie met de erflater. Hierin wordt door de belastingdienst heeft onderscheid gemaakt in drie groepen. Individuen die het dichtstbij de overledene staan, dienen minder belasting te betalen dan personen die verder weg staan van de erflater. Het belastingtarief wordt tevens hoger naarmate het erfdeel toeneemt / in hoogte vermeerderd.

De drie groepen die de belastingdienst hanteert zijn de volgende:

  • Groep 1:          Partners en Kinderen
  • Groep 1A:        Kleinkinderen
  • Groep 2:          Andere verkrijgers

De eerste groep betaald slechts 10% erfbelasting voor bedragen onder de €121.903. Komt de erfenis daarboven, betaald de eerste groep een tarief van 20%. De groep waaronder de kleinkinderen vallen dienen tot hetzelfde bedrag 18% te betalen en indien het boven het hiervoor genoemde bedrag komt, betalen zij 36%. De laatste groep van andere verkrijgers, betalen 30% voor bedragen onder de €121.903 en daarboven zijn zij verplicht om 40% af te dragen aan de belastingdienst.

Tarieven erfbelasting per groep

Tarieven

Groep 1: Partners en Kinderen Groep 2: Kleinkinderen Andere verkrijgers
Belastingtarief tot €121.903,- 10% 18% €30%
Belastingtarief na €121.903,- 20% 36% €40%

 

 

Partnerdefinitie met betrekking tot erfbelasting:

Per januari 2011 trad het zogenoemde basispartnerbegrip in werking. Dit basispartnerbegrip geld voor alle belastingwetten. Ook de Successiewet 1956 is hierin meegenomen. Echter is het probleem aanwezig dat deze Successiewet en de basispartnerbegrip niet geheel overeenkomen. Het feit dat er voor de schenk- en erfbelasting een aantal belangrijke eisen worden gesteld is daar debet aan. Aangezien partners een aanzienlijk groot voordeel voordeel genieten, zijn deze eisen zéér logisch te noemen.

Naast het hiervoor genoemde basispartnerbegrip gecombineerd met echtgenoten en geregistreerde partners, worden twee personen ook aangeduid als partner indien ze aan onderstaande voorwaarden voldoen gedurende zes maanden voorafgaand aan overlijden.

Voorwaarden:

  1. beiden zijn meerderjarig
  2. op hetzelfde woonadres ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens
  3. middels een notarieel samenlevingscontract een wederzijdse zorgverplichting hebben
  4. geen bloedverwanten zijn in de rechte lijn zijn, alsmede:
  5. niet met een ander aan de in 2 tot en met 4 genoemde voorwaarden voldoen.

Erfbelasting in natura:

In Nederland bestaat een speciale regeling voor erfgenamen die een waardevolle kunstverzameling ontvangen. Onder bepaalde voorwaarde kunnen zij de erfbelasting voldoen in natura. “Betaling van erfbelasting in de vorm van kunstvoorwerpen” zoals de naam van deze regeling luidt, zorgt ervoor dat kunstvoorwerpen die een wettelijk beschermde status hebben vrijgesteld kunnen worden van erfbelasting. Deze kunstvoorwerpen beschikken over een dusdanig grote culturele waarde, dat de Staat er belang bij heeft dat deze het land niet verlaten. Een bijzonder groot bijkomend voordeel is dat de eventueel te betalen erfbelasting verminderd met maar liefst 120% van de waarde van het kunstvoorwerp.

Regeringsstandpunten in combinatie met erfbelasting:

Het heffen van belasting op vermogen dat personen zonder inspanning verkrijgen wordt door de regering als legitiem bestempeld. Er zijn diverse bezwaren tegen deze regeling, waaronder het feit dat het vermogen bij de erflater eerder al is betrokken in de heffing van de belasting. Dit wordt echter simpelweg gepareerd door het argument dat dit niet van toepassing is voor de verkrijger. Dit is voor de verkrijger namelijk volledig irrelevant, voor hem of haar is dit de eerste keer.

De emotionele aspecten die verbonden zitten aan een erfbelasting mogen overigens niet onder stoelen of banken gestoken worden. Zodra iemand overlijd is dat uiteraard al tragisch genoeg en de vele nabestaanden hebben dan géén baat bij de erfbelasting die om de hoek komt kijken. Zij ervaren zo'n erfbelasting zelfs als zout dat in de wonden wordt gestrooid.

Tevens neemt de belastingdienst de waarde op het moment van overlijden als uitgangspunt. Indien de waarde van een bepaalde erfenis op het punt van afhandeling sterk in waarde is gedaald kan dit uiteraard tot vreemde en zelfs enigszins ongemakkelijke situaties leiden. Denk bijvoorbeeld aan een pakket aandelen die voor soortgelijke zaken zéér gevoelig zijn. 

Vrijstelling erfbelasting bij bedrijfsopvolging binnen de familie:

Voor bedrijfsopvolging binnen de familiesfeer, werd in de Successiewet 1956 in artikel 35B een aparte vrijstelling toe. Tot aan een bedrag van €1.045.611 wordt in het geheel géén belasting geheven. Op 28 april 2009 was het vooral de Raad van State die bij dit wetsonderdeel vraagtekens plaatste. De rechtbank in Breda besliste vervolgens in 2012 dat particulieren recht hadden op dezelfde vrijstelling als voor deze ondernemers gold.

Nadat de advocaat-generaal hierin deels mee ging volgde in 2013 een uitspraak die voor de Nederlandse staat niet ongunstig uitviel, want het advies van de advocaat-generaal werd volledig genegeerd. Het genoemde onderscheid in erfbelasting mocht blijven bestaan. Hier was de Stichting Meldpunt Collectief Onrecht het vervolgens niet mee eens, zij willen dit gaan uitvechten voor het Europees Hof. 

De erfbelasting berekenen:

Erfdeel – vrijstelling = belaste verkrijging

Dat is simpel gezegd de berekening voor de erfbelasting.

Mocht de achtergebleven partner (ofwel de nabestaande) echter pensioen ontvangen ten gevolge van het overlijden, wordt de waarde van het pensioen afgetrokken van het vrijgestelde bedrag.

Belaste verkrijging * belastingtarief = bedrag erfbelasting

Het erfbelastingtarief is een zogenoemde schijventarief.

Tip! Tool om uw netto salaris te berekenen uit uw bruto salaris


Discussie

Fatal error: Uncaught Error: Call to undefined function mysql_fetch_array() in /www/erfbelasting.php:257 Stack trace: #0 {main} thrown in /www/erfbelasting.php on line 257